Tochtklachten op de werkplek kunnen leiden tot discomfort, concentratieproblemen en verminderde prestaties. Medewerkers ervaren tocht vaak als een koude luchtstroom, temperatuurverschillen of een aanhoudend gevoel van kou, terwijl de ruimtetemperatuur op zichzelf geen aanleiding lijkt te geven tot klachten. In de praktijk is echter niet altijd duidelijk waardoor deze klachten ontstaan en welke rol ventilatie, klimaatinstallaties, gebouwkenmerken of de inrichting van de werkplek daarbij spelen.
Strooming voert onafhankelijk tocht- en thermisch comfortonderzoek uit binnen kantoren, onderwijsinstellingen, zorglocaties en andere werkomgevingen. Daarbij richten wij ons niet uitsluitend op het meten van luchtsnelheden, maar vooral op het inzichtelijk maken van de relatie tussen luchtstromen, temperatuurverdeling, ventilatievoorzieningen en de ervaren klachten. Alleen door deze factoren in samenhang te beoordelen ontstaat een betrouwbaar beeld van de oorzaak van het discomfort en de maatregelen die nodig zijn om het thermisch comfort duurzaam te verbeteren.
Doel van het onderzoek
Het doel van het onderzoek is het objectief vaststellen van de oorzaak van tochtklachten en het beoordelen van het thermisch comfort binnen de werkomgeving.
Afhankelijk van de onderzoeksvraag geeft het onderzoek onder meer antwoord op de volgende vragen:
- Waardoor ontstaan de tochtklachten?
- Welke invloed hebben ventilatie- en klimaatinstallaties?
- Hoe verplaatsen luchtstromen zich door de ruimte?
- Welke rol spelen temperatuurverschillen, koudeval en luchtverdeling?
- Sluiten de omstandigheden aan bij de eisen voor thermisch comfort?
- Welke maatregelen kunnen het thermisch comfort verbeteren en tochtklachten beperken?
Door de onderzoeksresultaten te combineren met de eigenschappen van het gebouw, de installaties en de inrichting van de werkplek ontstaat een onderbouwd beeld van de factoren die bepalend zijn voor de ervaren klachten.
Onderzoeksaanpak
Iedere werkomgeving vraagt om een eigen onderzoeksstrategie. Daarom stemmen wij het onderzoek af op de aard van de klachten, de gebruiksfunctie van de ruimte en de specifieke onderzoeksvraag.
Afhankelijk van de situatie kan het onderzoek bestaan uit:
- analyse van luchtsnelheden en luchtstromen;
- beoordeling van temperatuurverdeling en koudeval;
- inspectie van ventilatie- en klimaatinstallaties;
- beoordeling van luchtverdeling en ventilatievoorzieningen;
- analyse van de positie van werkplekken ten opzichte van luchttoevoer en gevels;
- beoordeling van gebruiksomstandigheden en gebouwkenmerken.
Een meting vormt daarbij geen eindpunt, maar het uitgangspunt voor de analyse. Wij beoordelen de onderzoeksresultaten altijd in samenhang met de ventilatievoorzieningen, de klimaatinstallaties, de temperatuurverdeling, de luchtstromen en de positie van de werkplekken. Hierdoor ontstaat niet alleen inzicht in waar tocht wordt ervaren, maar vooral waardoor deze ontstaat en welke maatregelen daadwerkelijk bijdragen aan een duurzaam thermisch comfort.
Beoordelingskaders
De onderzoeksresultaten worden beoordeeld aan de hand van de relevante wet- en regelgeving, normen en beoordelingskaders voor thermisch comfort en binnenklimaat. Afhankelijk van de onderzoeksvraag vormt NEN-EN-ISO 7730 het belangrijkste uitgangspunt voor de beoordeling van luchtsnelheden, tochtbeleving en thermisch comfort. De interpretatie wordt afgestemd op de gebruiksfunctie van de ruimte, de aard van de werkzaamheden en de eisen die aan de betreffende werkomgeving worden gesteld.
Rapportage en advies
Na afronding van het onderzoek ontvangt u een technisch onderbouwde rapportage met:
- analyse van de onderzoeksbevindingen;
- beoordeling van luchtstromen en thermisch comfort;
- interpretatie van de meetresultaten;
- analyse van ventilatie, luchtverdeling en temperatuurverschillen;
- beoordeling van relevante bouwkundige en installatietechnische factoren;
- aanbevelingen voor passende technische of organisatorische verbetermaatregelen.
De rapportage biedt een objectieve en technisch onderbouwde basis voor besluitvorming en geeft inzicht in de maatregelen die kunnen bijdragen aan het verbeteren van het thermisch comfort, het beperken van tochtklachten en het optimaliseren van de kwaliteit van de werkomgeving.
