De kwaliteit van de binnenlucht heeft directe invloed op gezondheid, comfort en het functioneren van gebouwen en organisaties. Onvoldoende ventilatie, verhoogde concentraties van verontreinigingen of problemen binnen klimaatinstallaties kunnen leiden tot gezondheidsklachten, verminderde productiviteit en een afname van het gebruikscomfort. Binnen kantoren, onderwijsinstellingen, zorgomgevingen, utiliteitsgebouwen en industriële locaties ontstaan regelmatig klachten zoals hoofdpijn, vermoeidheid, benauwdheid, geurhinder of irritatie van ogen en luchtwegen. In de praktijk blijkt vaak onduidelijk welke factoren deze klachten veroorzaken en in hoeverre het binnenmilieu hierin een rol speelt. Strooming voert onafhankelijk luchtkwaliteitsonderzoek uit in gebouwen en brengt objectief in kaart hoe het binnenmilieu functioneert in relatie tot ventilatie, gebouwgebruik, installaties en mogelijke bronnen van verontreiniging. De onderzoeken geven inzicht in risico’s, oorzaken van klachten en mogelijke maatregelen om het binnenmilieu en het gebruikscomfort te verbeteren.
Wat is een luchtkwaliteitsonderzoek?
Een luchtkwaliteitsonderzoek is een systematische beoordeling van factoren die invloed hebben op de kwaliteit van de binnenlucht en het functioneren van het binnenmilieu.
Het onderzoek wordt vaak uitgevoerd naar aanleiding van:
- gezondheids- of comfortklachten;
- vermoedens van luchtverontreiniging;
- problemen met ventilatie of klimaatinstallaties;
- geurhinder;
- vocht- of schimmelproblematiek;
- vragen over het functioneren van ventilatiesystemen.
Veelvoorkomende klachten zijn onder meer:
- hoofdpijn of vermoeidheid;
- irritatie van ogen of luchtwegen;
- benauwdheid of droge lucht;
- temperatuur- of tochtklachten;
- geurhinder.
Een onafhankelijk onderzoek maakt inzichtelijk welke factoren bijdragen aan deze klachten en in welke mate het binnenmilieu aansluit bij relevante richtlijnen en beoordelingskaders. Daarnaast ontstaat inzicht in de relatie tussen luchtkwaliteit, ventilatieprestaties, bezetting, gebouwgebruik en mogelijke emissiebronnen.
De onderzoeksresultaten vormen een objectieve en technisch onderbouwde basis voor verdere besluitvorming, optimalisatie van installaties en eventuele beheersmaatregelen.
Onderzoeksgebieden
Onze luchtkwaliteitsonderzoeken richten zich op verschillende aspecten van het binnenmilieu en de factoren die daarop van invloed zijn.
Chemische agentia
Onderzoek naar chemische componenten in de binnenlucht, waaronder:
- vluchtige organische stoffen (VOS / TVOC);
- formaldehyde;
- oplosmiddelen;
- koolmonoxide (CO);
- overige chemische verbindingen.
Mogelijke emissiebronnen zijn onder meer bouw- en afwerkingsmaterialen, vloer- en wandafwerkingen, meubilair, reinigingsmiddelen, installaties en productieprocessen.
De gemeten concentraties worden beoordeeld aan de hand van relevante richtlijnen, gezondheidskundige advieswaarden en toepasselijke beoordelingskaders.
Microbiologische belasting
Onderzoek naar microbiologische belasting van lucht, materialen en oppervlakken.
Daarbij wordt gekeken naar:
- schimmels en bacteriën;
- vochtproblematiek;
- lekkages en condensatie;
- bouwkundige gebreken;
- klimaatomstandigheden die microbiële groei kunnen bevorderen.
Het onderzoek geeft inzicht in mogelijke relaties tussen microbiologische belasting, geurhinder en gezondheidsklachten.
Fijnstof en zwevende deeltjes
Meting van fijnstof en andere zwevende deeltjes in de binnenlucht, waaronder:
- PM₁₀;
- PM₂.₅;
- overige stofdeeltjes.
Daarbij wordt onderzocht welke bronnen binnen het gebouw bijdragen aan de stofbelasting, zoals ventilatiesystemen, productieactiviteiten, werkprocessen of gebruiksafhankelijke emissies.
Ventilatie en luchtverversing
Beoordeling van ventilatievoorzieningen, luchtstromen en luchtverdeling binnen ruimten.
Hierbij wordt onderzocht:
- de werking van ventilatiesystemen;
- ventilatiecapaciteit en luchtverversing;
- luchtstromen en drukverhoudingen;
- afstemming op bezetting en gebruiksfunctie;
- mogelijke afwijkingen binnen het ventilatiesysteem.
De kwaliteit van ventilatievoorzieningen speelt een belangrijke rol bij comfort, luchtkwaliteit en het functioneren van het binnenmilieu.
Thermisch comfort
Onderzoek naar factoren die invloed hebben op thermisch comfort en de beleving van het binnenklimaat.
Daarbij worden onder meer beoordeeld:
- temperatuur;
- relatieve luchtvochtigheid;
- luchtsnelheden;
- tochtverschijnselen;
- invloed van installaties en gevelbelasting.
Hierdoor ontstaat inzicht in de relatie tussen het binnenmilieu en het ervaren comfort binnen het gebouw.
Geurhinder en brononderzoek
Onderzoek naar geurbronnen en verspreidingsroutes binnen gebouwen.
Daarbij wordt gekeken naar:
- installaties en luchtkanalen;
- kruipruimten en riolering;
- aangrenzende ruimten;
- productieprocessen;
- bouwkundige aansluitingen.
De combinatie van metingen, inspecties en situatiestudie maakt inzichtelijk hoe geurhinder ontstaat en zich binnen het gebouw verspreidt.
Onderzoeksmethoden
Afhankelijk van de onderzoeksvraag worden verschillende meet- en analysetechnieken toegepast.
De werkzaamheden kunnen onder meer bestaan uit:
- actieve en passieve monsterneming van chemische stoffen;
- real-time metingen van VOS, formaldehyde, CO₂, fijnstof en klimaatparameters;
- microbiologische bemonstering van lucht en oppervlakken;
- analyse van ventilatiestromen en luchtverversing;
- metingen van temperatuur en relatieve luchtvochtigheid;
- bouwkundige en installatietechnische inspecties;
- laboratoriumanalyse van verzamelde monsters.
De meetstrategie wordt afgestemd op het type gebouw, de gebruiksfunctie, de bezettingsgraad, de aard van de klachten en vermoedelijke bronnen van verontreiniging.
Hierdoor ontstaat een representatief en technisch onderbouwd beeld van het binnenmilieu.
Normen en richtlijnen
Onze onderzoeken worden uitgevoerd conform relevante normen, richtlijnen en beoordelingskaders, waaronder:
- Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL);
- WHO-richtlijnen voor luchtkwaliteit;
- NEN-EN 16798 voor ventilatie en binnenluchtkwaliteit;
- gezondheidskundige advieswaarden voor binnenlucht;
- arbeidshygiënische beoordelingskaders;
- relevante NEN- en ISO-richtlijnen.
Hierdoor ontstaat een objectieve en reproduceerbare beoordeling van de kwaliteit van het binnenmilieu.
Uitvoering van het onderzoek
Onze adviseurs voeren inspecties uit op locatie en plaatsen, afhankelijk van de onderzoeksvraag, meetapparatuur op representatieve meetpunten binnen het gebouw.
Afhankelijk van de situatie kan gebruik worden gemaakt van:
- continue monitoring;
- tijdgewogen metingen;
- langdurige bemonstering;
- gerichte bron- en emissiemetingen;
- ventilatie- en luchtstroomanalyses.
De onderzoeksopzet wordt afgestemd op:
- het type gebouw;
- de gebruiksfunctie;
- de bezettingsgraad;
- de aard van de klachten;
- vermoedelijke bronnen van verontreiniging.
Alle metingen worden uitgevoerd met gekalibreerde apparatuur en volgens relevante meetrichtlijnen en best practices.
Rapportage en advies
Na afronding van het onderzoek ontvangt u een technisch onderbouwde rapportage met:
- resultaten van metingen en analyses;
- toetsing aan normen, richtlijnen en advieswaarden;
- inzicht in mogelijke bronnen en beïnvloedende factoren;
- beoordeling van ventilatie en binnenmilieu;
- interpretatie van de meetresultaten;
- aanbevelingen voor beheersmaatregelen en technische verbeteringen.
De rapportage biedt een objectieve basis voor verdere besluitvorming en ondersteunt bij het verbeteren van luchtkwaliteit, comfort en functioneren van het gebouw.
